Ga naar de gids
homebound
NL

Servicekosten controleren: voorschotten en de jaarlijkse afrekening

Naast je kale huur betaal je vaak een tweede bedrag: de servicekosten. Meestal is dat een vast maandbedrag voor zaken als het beheer van de woning, kleine reparaties, verzekeringen of een signaal voor internet en televisie. Dat bedrag wordt ieder jaar verrekend met wat de verhuurder daadwerkelijk heeft uitgegeven. Dit artikel legt uit wat er wel en niet onder servicekosten valt, hoe de jaarlijkse afrekening eruit moet zien, welke termijn daarvoor geldt, en wat je kunt doen als je geen afrekening krijgt of het bedrag te hoog vindt.

HomeboundBijgewerkt op · 9 min leestijd

Wat zijn servicekosten

Servicekosten zijn kosten die bovenop de kale huur van je woning komen. De Rijksoverheid noemt als voorbeelden schoonmaak, verzekeringen en kleine reparaties. Gas, water en elektriciteit vallen alleen onder de servicekosten als je ze via je verhuurder krijgt. Betaal je die zelf, rechtstreeks aan het energie- of waterbedrijf, dan zijn het nutsvoorzieningen en geen servicekosten. Dat is precies de rol van een eigen meter: bij nutsvoorzieningen in eigen naam hoort er een eigen meter te zijn, en bij levering via de verhuurder is er doorgaans een gezamenlijke of door de verhuurder beheerde meter.

Een servicekostenbedrag is nooit een vast recht. Het is een voorschot op wat de verhuurder namens jou betaalt. Tegen de vastgestelde hoogte kun je dan ook bezwaar maken, door te vergelijken wat er werkelijk is uitgegeven. Een servicekostenbedrag dat je maandelijks op één punt na de huur ziet staan, en dat nooit verandert, kan onder de streep blijven of doorgerekend blijven; de afrekening is het moment waarop je dat controleert.

Verder is er een onderscheid tussen servicekosten die voor iedereen in het gebouw gelden en diensten die alleen voor een deel van de huurders zijn afgesproken. Denk aan een onderhoudsabonnement voor specifieke huurders, een gezamenlijke woning, of een eengezinswoning. Verandert er iets in de dienstverlening die alleen voor die huurders geldt, dan hoeven alleen die huurders het eens te zijn. Voor nieuwe gezamenlijke dienstverlening in een appartementengebouw, met bijbehorende servicekosten, geldt een grens van 70 procent: 70 procent van de huurders moet die nieuwe voorziening en de bijbehorende servicekosten goed vinden.

  • Servicekosten staan bovenop de kale huur, bijvoorbeeld voor schoonmaak, verzekeringen, kleine reparaties of een tv- en internetsignaal.
  • Gas, water en elektriciteit die je rechtstreeks afneemt zijn nutsvoorzieningen, geen servicekosten; daarvoor heb je een eigen meter.
  • Gas, water en elektriciteit die je via de verhuurder krijgt, tellen wél mee als servicekosten.
  • Een servicekostenbedrag is een voorschot; de afrekening laat zien wat er werkelijk is uitgegeven.
  • Veranderingen die alleen voor een deel van de huurders gelden, hoeven alleen door die huurders te worden goedgekeurd.
  • Nieuwe gezamenlijke dienstverlening in een appartementengebouw kan alleen als 70% van de huurders het goed vindt.

Kale huur of all-in huur

Als je huurcontract een apart bedrag voor de huur en een of meer aparte bedragen voor servicekosten vermeldt, dan is de huurprijs de kale huur. Dat is de beste situatie om je kosten te beoordelen, want je ziet precies wat de woning zelf kost en wat er bovenop komt.

Bij een all-in huur heeft de verhuurder de kale huur en de servicekosten niet uitgesplitst. Je betaalt dan één bedrag en ziet niet hoeveel daarvan voor de woning zelf is. De Rijksoverheid stelt vast dat het dan lastig is om te bepalen of je te veel kale huur betaalt, en adviseert om de verhuurder te vragen de all-in huur te splitsen. Een verhuurder hoeft dat niet altig zonder meer te doen, maar het is een redelijke vraag die je kunt stellen, zeker als het bedrag flink hoger is dan vergelijkbare woningen in de buurt.

  • Een contract met een apart huurbedrag en een apart servicekostenbedrag geeft een kale huur.
  • Bij een all-in huur is de kale huur niet zichtbaar.
  • Vraag de verhuurder de all-in huur te splitsen, zeker bij een bedrag dat boven vergelijkbare woningen uitkomt.

Vanaf 2027: maximaal acht soorten servicekosten

Voor huurcontracten die op of na 1 januari 2027 worden gesloten, geldt een nieuwe regeling. Dan mogen verhuurders maximaal acht soorten servicekosten doorberekenen. Dat heeft gevolgen voor wat wel en niet op je maandelijkse factuur kan staan, en dus voor de afspraken die je met je verhuurder maakt.

De acht toegestane categorieën zijn: levering van warm water of warmte en koude lucht om te verwarmen of te koelen; levering van gas, water en elektriciteit voor de woning en de gemeenschappelijke ruimtes; gebruik van meubels, huishoudelijke apparaten en andere losse spullen van de verhuurder, zoals gordijnen, een wasmachine of een losse koelkast; kleine reparaties die je zelf hebt afgesproken niet te doen, bijvoorbeeld een lamp vervangen in een gemeenschappelijke ruimte of een cv-ketel ontluchten en bijvullen; toezicht, veiligheid en afval, zoals alarmsystemen, aanpak van overlast of afvoer van huisvuil en grofvuil; levering van een signaal voor televisie, internet en vaste telefoon, bijvoorbeeld een abonnement, een antenne of een wifirouter; verzekeringen en fondsen voor klein onderhoud, bijvoorbeeld een glas-, lampen-, ontstoppings- of schilderfonds; en administratiekosten, bijvoorbeeld om de jaarlijkse afrekening op te stellen en de kosten over de huurders te verdelen.

De kleine reparaties tellen alleen mee als je expliciet hebt afgesproken dat de verhuurder ze voor je uitvoert. Dat is een verschil met de huurplicht die in het burgerlijk wetboek al geldt voor klein onderhoud in je eigen woning. Let bij de lijst dus op de formuleringen: een signaal voor internet mag meetellen als de verhuurder zelf een contract heeft met een provider, niet als jij het contract sluit en de kosten doorberekent krijgt.

Heb je een huurcontract dat vóór 1 januari 2027 is gesloten, dan gelden de regels uit je bestaande contract. Je kunt met je verhuurder afspreken om de nieuwe regels ook voor jouw woning te laten gelden. Vraag dan eerst wat dat concreet verandert: minder posten op de factuur betekent niet automatisch dat je minder betaalt.

  • Contracten van 1 januari 2027 of later: maximaal acht soorten servicekosten zijn toegestaan.
  • Oude contracten: de regels uit je bestaande contract blijven gelden, tenzij je vrijwillig overstapt.
  • Kleine reparaties tellen alleen mee als je hebt afgesproken dat de verhuurder ze uitvoert.
  • Een internetsignaal telt mee als de verhuurder het contract met de provider heeft gesloten.
  • Oude contracten: de regels uit je bestaande contract blijven gelden, tenzij je er vrijwillig mee akkoord gaat ze te vervangen.

De jaarlijkse afrekening

Een verhuurder moet de werkelijke servicekosten jaarlijks afrekenen. De Rijksoverheid vat dat voor huurders samen als: je krijgt elk jaar een overzicht van de kosten bovenop de huur, en dat overzicht ontvang je uiterlijk op 1 juli. Het gaat daarbij om de kosten van het voorgaande kalenderjaar. Daarop zie je of je te veel of te weinig hebt betaald en of je geld terugkrijgt of moet bijbetalen.

De Huurcommissie werkt hetzelfde moment in haar beleidsboek uit als een uiterste afrekendatum van 30 juni voor het voorgaande boekjaar: voor boekjaar 2025 is dat 30 juni 2026, voor 2026 is dat 30 juni 2027. Dat is dezelfde jaarlijkse verplichting, geen tweede of strengere deadline. Die 30 juni geldt voor de indienststelling van een verzoek bij de Huurcommissie; de Huurcommissie hanteert daarvoor een termijn van nog eens 24 maanden na het verstrijken van de halfjaarstermijn.

De Huurcommissie zet in haar beleidsboek ook eisen aan het overzicht zelf. Je moet erin kunnen zien welke kosten er zijn geweest, hoeveel de verhuurder daarvoor heeft betaald, en hoe het bedrag dat je maandelijks betaalt daarmee te maken heeft. Heb je op 1 juli nog geen overzicht ontvangen, is het overzicht niet compleet, of ben je het ergens niet mee eens, neem dan contact op met het meldpunt van je gemeente of met de Huurcommissie.

  • Je verwacht elk jaar een overzicht van de servicekosten over het voorgaande kalenderjaar, uiterlijk op 1 juli.
  • De Huurcommissie hanteert daarvoor 30 juni als uiterste afrekendatum: dat is hetzelfde moment, geen extra deadline.
  • Het overzicht toont de kosten, het bedrag dat is betaald en hoe dat aansluit op je maandbedrag.

Wat je kunt doen als het niet klopt

Begin met een concrete controle, niet met een gevoel dat het bedrag te hoog is. Leg je eigen maandbedrag naast het afrekenbedrag, en reken uit wat het verschil is. Een verschil van een paar euro door afronding is iets anders dan een verschil van tientallen euro's. Kijk daarna per kostenpost of die redelijkerwijs bij jouw woning hoort: een beveiligingsalarm is iets anders dan een reparatie die in een ander deel van het complex nodig was.

Blijft er twijfel of is het overzicht niet compleet, dan kun je je wenden tot het meldpunt van je gemeente of tot de Huurcommissie. Wat de Huurcommissie kan doen hangt af van de datum waarop je huurcontract is gesloten. Bij een contract van vóór 1 juli 2024 kan zij een uitspraak doen als je woning in de sociale sector valt; valt die woning in de vrije sector, dan kan zij alleen een advies geven, en alleen als jij en je verhuurder daar beide schriftelijk mee instemmen. Dat advies is geen uitspraak. Bij een contract op of na 1 juli 2024 kan de Huurcommissie voor alle huurwoningen een uitspraak doen, ongeacht of de woning in de sociale sector, de middenhuursector of de vrije sector valt. Op verzoek van een huurder of een verhuurder doet zij dat over de huurprijs of de servicekosten, en die uitspraak is bindend voor beide partijen.

Een gemeente kan het gedrag van een verhuurder onderzoeken en normeren. Ze kan een waarschuwing geven, een last onder dwangsom of bestuursdwang opleggen, of een boete. Maar een gemeente kan de hoogte van je servicekosten niet vaststellen; alleen de Huurcommissie of de kantonrechter kan dat. De Huurcommissie houdt toezicht en handhaving zelf niet: dat is precies waarom de gemeente een melding kan onderzoeken terwijl de Huurcommissie een bindend oordeel velt.

Het patroon is dus: eerst het overzicht opvragen en controleren, dan de Huurcommissie voor de inhoud van het bedrag, en de gemeente voor de manier waarop je als huurder bent behandeld. Dat werkt het snelst als je beide routes uit elkaar houdt en per stap een eigen schriftelijke stand van zaken stuurt.

  • Vergelijk je maandbedrag met het afrekenbedrag en reken het verschil uit.
  • Kijk per kostenpost of die bij jouw woning hoort.
  • Vraag het overzicht op als je het niet hebt ontvangen, uiterlijk 1 juli.
  • Voor de hoogte van de servicekosten: bij een contract van 1 juli 2024 of later een bindende uitspraak van de Huurcommissie, bij een ouder contract in de sociale sector ook, en bij een ouder contract in de vrije sector alleen een advies als jij en je verhuurder daar schriftelijk mee instemmen.
  • Voor ongepast gedrag van de verhuurder: meldpunt van de gemeente, dat kan waarschuwen of een boete opleggen.

Bronnen en verder lezen

Deze gids verwijst naar de onderstaande bronnen. Controleer de actuele informatie bij de bron voor je een beslissing neemt.

Je zoektocht overzichtelijk houden

Zoek huurwoningen, bewaar je favorieten en houd je aanvragen bij in Homebound. Begin gratis en houd je zoektocht op één plek.

Probeer Homebound